Rasbeschrijving

 

Tosa

Onze honden vinden het leuk om samen activiteiten te ondernemen, zoals op het trainingsveld, een flinke wandeling maar vinden het ook thuis prima, vooral als de baas er is.
Graag willen wij duidelijk maken dat niet iedere hond hetzelfde is! Veel is afhankelijk van een goede opvoeding en de juiste motivatie. Ami vindt het heerlijk om met andere honden door het bos te scheuren. Ook is zij dol op zwemmen, achter balletjes aan gaan en heel lang graven in konijnenholen. Gin kijkt dit goed van Ami af.
Dit zijn geen typische Tosa eigenschappen maar wel hondeneigenschappen. Iedere hond is anders, iedere Tosa is anders.

Hier volgt wat algemene infomatie over de Tosa en zijn geschiedenis:

De Japanse Molosser – in Japan Tosa-Ken of tosa-Token – is buiten Japan weinig bekend en zelfs in zijn vaderland is het ras tamelijk zeldzaam. Het is een grote, atletische, mastiffachtige molosser, met bij voorkeur een zware kop en een sterk karakter. De Tosa heeft zijn oorspronkelijke eigenschappen als toernooi- en waakhond weten te behouden, doordat hij in Japan nog steeds zuiver en alleen voor functionele doeleinden wordt gefokt en gehouden, al is er op een doorsnee Japanse hondenshow meestal wel een Tosa te zien. het is een bijzonder stille hond als gevolg van het feit dat een van de regels van het Japanse hondentoernooi eist dat de honden hun strijd in stilte volbrengen.
De Tosa heeft een interessante geschiedenis, al is die niet bijzonder lang. toen halverwege de 19e eeuw de handelsbetrekkingen tussen de oosterse en westerse wereld werden verstevigd, werden westerse honden naar het Oosten getransporteerd, en vice versa. Hondengevechten hadden toen in Japan, zoals in vele andere delen van de wereld, een lange traditie. De traditionele Japanse vechthonden waren echter oorspronkelijk ontwikkeld voor de jacht op wilde zwijnen en van het wolfstype (Nihon-Inu). De Japanners begonnen de westerse, molossoïde honden te kruisen met hun inheemse honden, om zo de door hen gewenste ‘ultieme hond’ te creëren. De producten van deze gekruiste bloedlijnen werden geheel gedomineerd door het westerse type, zowel uiterlijk als innerlijk. De lijnen die uiteindelijk het belangrijkst werden voor de ontwikkeling van de Tosa waren de Mastiff-lijn, de Bull-Terrier-lijn, de Duitse-Dog-lijn, de Bullmastiff-lijn en de Pointer-lijn. In de jaren zestig werden eenmalig drie Bordeaux Doggen gekruist.

Overigens is de moderne Tosa een die in type kan uiteenlopen van zeer groot en zwaargebouwd tot middelgroot, stevig gebouwd en vrij elegant, zij het altijd met de noodzakelijk massa. Het streven is uiteraard het fokken van een uniform type hond: stevig gebouwd, groot en te allen tijde atletisch. Te veel ‘verfijning’ van de Tosa is zeker niet gewenst! Met name in het gebied in en om de Kochi-prefectuur van het eiland Shikoku bloeiden de ‘originele’ lijnen op en het kruisen van de honden vond voornamelijk daar plaats. Alle prioriteiten voor het fokken lagen bij de functionele eigenschappen van deze ‘crossbred’ honden en als een bepaalde lijn superieur was in de arena, werden de goede honden van deze lijn met elkaar gekruist, om zo de gewenste eigenschappen nog verder te kunnen ontwikkelen en verbeteren. Na verloop van tijd ontstond tenslotte een tamelijk raszuiver type hond. De Tosa heeft zich in de jaren tachtig geleidelijk over de rest van de wereld verspreid, al is het nog steeds een zeldzaam ras, en van toernooihond werd hij (behalve in het land van oorsprong) langzamerhand een gezins-, hof-, en huishond. Samengevat kan worden gezegd dat de Tosa tegenwoordig een grote, sterke hond is met een karakter dat naar dominantie kan neigen, met name bij reuen.
Gezien zijn formaat en karakter is een consequente opvoeding met zachte hand noodzakelijk. De Tosa reageert zeer goed op stemgebruik en is heel loyaal naar zijn baas. Door een goede opvoeding en socialisatie is de Tosa een hele fijne kameraad om in huis te hebben.

Bron: Toepoels Hondenencyclopedie, 2007